De uitslag is bekend! We hielden een poll om jullie te vragen welk museum jullie het beste kunstmuseum van Nederland vinden. Het was even spannend; het leek erop dat De Pont in Tilburg zou gaan winnen, aar uiteindelijk ging het Rijksmuseum in Amsterdam er toch met de eer vandoor. Met maar liefst 30% van de stemmen is het door jullie verkozen als het populairste kunstmuseum van Nederland!

De hoofddirecteur van het Rijksmuseum, Wim Pijbes, gaf in een reactie aan zeer vereerd te zijn met deze verkiezing. En wat mag hij trots zijn op zijn museum! Al voor de verbouwing was het één van de meest indrukwekkende musea in Nederland, maar sinds het op 13 april 2013 officieel heropend is, trekt het alleen maar meer bezoekers. Van over de hele wereld komen de mensen naar Amsterdam om de wereldberoemde werken te bekijken die er tentoon worden gesteld. Op zo’n indrukwekkend museum mogen we best trots zijn!

Het Rijksmuseum

Maar wat maakt het Rijksmuseum nou zo bijzonder? Hoe is het museum tot stand gekomen, en wat zijn de pronkstukken in de collectie? In dit artikel neem ik je graag mee het museum in. Leer meer over de geschiedenis en kijk mee naar de bekendste werken. Als je dit artikel gelezen hebt, krijg je gegarandeerd zin om het Rijksmuseum zelf eens te bezoeken.

Rijksmuseum voorkant

(Foto: John Lewis Marshall)

Het ontstaan van het museum

Het rijksmuseum bestaat al ruim tweehonderd jaar; in 1800 was het voor het eerst open voor het publiek. Toen heette het museum nog de Nationale Kunstgalerij, en was het nog niet in Amsterdam, maar in Den Haag gevestigd, in Huis ten Bosch om precies te zijn. Een koninklijke omgeving dus, en later werd ook de naam van het museum aangepast: het werd het Koninklijk Museum. De collectie bestond uit stukken uit de stadhouderlijke verzameling – de laatste stadhouder had in 1795 het land verlaten, en het zou toch zonde zijn om niets met al die mooie kunst te doen.

paleis op de dam

Acht jaar later verhuisde het museum naar het Paleis op de Dam, op bevel van koning Lodewijk Napoleon. De collectie van het museum, die in die acht jaar behoorlijk was gegroeid, werd samengevoegd met de belangrijkste schilderijen uit de collectie van de stad Amsterdam. Zo werd onder andere De Nachtwacht van Rembrandt aan de verzameling toegevoegd. Ook nu werd er veel geïnvesteerd in de aankoop van nieuwe werken. In 1816 werd het hele museum verhuisd naar het Trippenhuis, een klein stadspaleis aan de Kloveniersburgwal. Maar omdat de collectie kunstwerken sneller groeide dan ooit, was ook deze locatie al snel te klein. Een deel van de collectie werd weer ondergebracht in Den Haag, waaronder de prenten en een aantal historische voorwerpen. Ook de moderne kunstwerken, van schilders die nog in leven waren, verhuisden naar Den Haag, naar een museum dat speciaal voor dit doel werd ingericht. De overige werken bleven te zien in het Trippenhuis in Amsterdam.

Maar eigenlijk moest er gewoon een nieuw gebouw komen. Zo’n belangrijke en indrukwekkende collectie verdient een net zo indrukwekkende locatie, vonden velen: een plek waar alle werken samen bewonderd kunnen worden. Dus werd architect Pierre Cuypers ingeschakeld om een nieuw gebouw te ontwerpen. Hij is verantwoordelijk voor het imposante gebouw waarin het Rijksmuseum vandaag de dag nog steeds gevestigd is; een bijzondere mengelmoes van elementen uit de gotiek en renaissance, die samen voor een enorm, imposant bouwwerk zorgen dat bijna op een kathedraal lijkt. In 1876 werd met de bouw begonnen, en op 13 juli 1885 werd de nieuwe locatie van het Rijksmuseum officieel geopend.

rijksmuseum gevel

Dat betekende dus dat er ineens enorm veel ruimte was om de hele collectie tentoon te stellen. De historische voorwerpen en werken die naar Den Haag waren overgeplaatst, konden weer in Amsterdam worden gehuisvest. Ook kwam het overgrote deel van de collectie van de stad Amsterdam zelf in het museum te hangen, waaronder Rembrandts beroemde schilderij Het Joodse bruidje. Omdat de collectie nog steeds alsmaar groter werd, werd er in de loop der jaren veel veranderd aan het gebouw. Er werden vleugels en binnenhoven bijgebouwd, en omdat de samenstelling van de collectie natuurlijk constant veranderde, is door de jaren heen ook de indeling van de afdelingen regelmatig aangepast. Zo ontstond in de jaren ’50 bijvoorbeeld de afdeling Aziatische Kunst. Maar door al die verbouwingen en herindelingen was een groot deel van de oorspronkelijke architectuur verloren gegaan. Ook moest het museum klaargemaakt worden voor de 21e eeuw. Na ruim 125 jaar Rijksmuseum in het gebouw van Cuypers, werd het langzamerhand toch echt tijd voor een grote verbouwing.

 

De verbouwing

rijksmuseum verbouwing

(Foto: Eran Oppenheimer)

En dus werd in 2000 door het kabinet besloten dat die verbouwing er ging komen, om het Rijksmuseum weer in oude glorie te herstellen. Het plan was om de decoraties die Cuypers zo mooi had ontworpen weer tevoorschijn te laten komen, bijvoorbeeld op het plafond van de bekende Eregalerij. Een Spaans architectenbureau, Cruz y Ortiz uit Sevilla, werd ingeschakeld om een ontwerp voor de renovatie te maken. Die renovatie bestond onder andere uit het weghalen van alle toevoegingen die in de loop der jaren waren ontstaan, zoals de verlaagde plafonds en kleine tussenverdiepingen.

Zo kreeg het Rijksmuseum zijn statige interieur weer terug, en werden de zalen weer omgetoverd tot de grote, lichte ruimtes die ze vroeger waren. Ook het Atrium, de nieuwe, prachtige entree van het Rijksmuseum, werd door Cruz y Ortiz ontworpen. Hier was een behoorlijk ingewikkeld stuk bouwkunst mee gemoeid; onder andere de vloer werd verlaagd en zalen die er in de jaren ’50 en ’60 waren gebouwd, werden in hun geheel verwijderd. Met het ontwerp van Cuypers in het achterhoofd werd het museum vooral ook gemoderniseerd, met onder andere een café en een nieuwe museumwinkel. Ook werd de bibliotheek gerestaureerd, en voor het eerst opengesteld voor het publiek.

rijksmuseum amsterdam bibliotheek

Voor het interieur werd Jean-Michel Wilmotte ingeschakeld, die onder andere geroemd werd om zijn werk voor het Louvre en het Musée d’Orsay in Parijs. Hij was verantwoordelijk voor de inrichting van het museum, en ontwierp onder andere de vitrines, sokkels, lampen en andere meubels. Ook bedacht hij het kleurenpalet dat je overal in het museum terugziet; de vijf verschillende grijstinten die naadloos aansluiten bij het ontwerp van Cuypers.

Begin 2003 ging een groot deel van het museum dus dicht voor het publiek. Aanvankelijk was het de bedoeling dat dat maar een paar jaar zou duren, maar doordat er allerlei onvoorziene vertragingen ontstonden heeft de verbouwing uiteindelijk tien jaar geduurd. Gelukkig bleef het tijdens de verbouwing mogelijk voor het publiek om de topstukken uit de collectie te bekijken. Terwijl er hard werd gewerkt aan het Atrium, de Eregalerij, het nieuwe Aziatische Paviljoen en de rest van het immense gebouw, bleef de Philipsvleugel altijd open voor het publiek. Gelukkig maar, want het zou zonde zijn als de collectie tien jaar achter gesloten deuren zou moeten blijven! Toen in 2013 het Rijksmuseum weer werd geopend, ging de Philipsvleugel als laatste onderdeel dicht. In november 2014 was ook deze gereed, en was het Rijksmuseum weer volledig toegankelijk. Sinds de verbouwing trekt het museum meer bezoekers dan ooit; in het jaar na de heropening kwamen maar liefst 2,7 miljoen bezoekers de collectie bewonderen.

Topstukken uit de collectie

rijksmuseum eregalerij(Foto: Erik Smits)

De Eregalerij is het absolute hoogtepunt van het nieuwe Rijksmuseum. In deze prachtige zaal worden de topstukken uit de collectie tentoongesteld, met De Nachtwacht als pronkstuk. De zaal waar De Nachtwacht hangt is door Cuypers speciaal ontworpen voor dit schilderij. Maar ook in de rest van het museum hangen werken van grote Hollandse meesters. Een paar voorbeelden:

De bedreigde zwaan van Jan Asselijn, ca. 1650

bedreigde zwaan asselijn

De bedreigde zwaan was in 1800 het allereerste schilderij dat door het Rijksmuseum werd aangekocht. Een zeer bijzonder werk dus, dat nog steeds een prominente plek heeft in de Eregalerij. Afgebeeld is een zwaan die haar eieren beschermt tegen de aanval van een hond. Als je goed kijkt zie je dat dit schilderij een politieke betekenis heeft; de zwaan moet Johann de Witt voorstellen, die zijn vaderland (op de eieren staat ‘Holland’ geschreven) beschermt tegen de vijand.

Gezicht op huizen in Delft van Johannes Vermeer, ca. 1658

het straatje vermeer

Dit schilderij staat beter bekend onder de bijnaam ‘Het straatje’. Vermeer schilderde in zijn leven slechts twee stadsgezichten, en dit is er één van. Jarenlang werd gespeculeerd over welke straat hier nu precies af zou zijn gebeeld, maar in 2015 bewees kunsthistoricus Frans Grijzenhout dat het schilderij een steegje in de Vlamingstraat afbeeldt. In het Rijksmuseum hangt een foto van de straat, zoals die er tegenwoordig uit ziet, naast het werk van Vermeer.

Winterlandschap met schaatsers van Hendrick Avercamp, ca. 1608

winterlandschap met schaatsers avercamp

Hendrick Avercamp werd doofstom geboren, en al snel bleek dat tekenen voor hem de ideale manier was om zijn gevoelens te uiten. Over de hele wereld is hij beroemd om zijn oer-Hollandse winterlandschappen met schaatsers op het ijs en allerlei andere soorten winters vermaak. Elk schilderij vertelt meerdere verhalen; in elke hoek van het schilderij gebeurt er wel iets. Naar Winterlandschap met schaatsers kun je uren kijken.

Schutters van wijk II onder leiding van kapitein Frans Banninck Cocq van Rembrandt van Rijn, 1642

Rembrandt nachtwacht

Niet iedereen weet dat De Nachtwacht een bijnaam is; de originele titel van dit schilderij is veel langer en een stuk moeilijker te onthouden. Rembrandt schilderde het in opdracht van de schutterij van Amsterdam, en oorspronkelijk was het nog een stuk groter dan de afmetingen die het nu heeft. Dat komt doordat het in 1715 verhuisd werd naar het Paleis op de Dam, en het te groot was voor de plek die ervoor was uitgekozen. Aan alle kanten werd er dus een stuk afgesneden. Gelukkig was het zo’n groot schilderij dat er nog genoeg van te bewonderen valt.

De molen bij Wijk bij Duurstede van Jacob van Ruisdael, ca. 1668-1670

ruisdael molen bij wijk bij duurstede

Nog zo’n grote Hollandse meester was Jacob van Ruisdael. Er is maar weinig bekend over zijn leven, maar gelukkig zijn er veel werken van hem bewaard gebleven die vandaag de dag nog te bewonderen zijn, onder andere in het Rijksmuseum. Van Ruisdael staat bekend om de mooie landschappen die hij schilderde, vaak met prachtige wolkenluchten erboven die een spannende sfeer opwekken. De molen bij Wijk bij Duurstede is één van zijn belangrijkste werken.

 

Bezoek het Rijksmuseum

Na het lezen van dit artikel heb je vast zin gekregen om het Rijksmuseum te bezoeken. Daar mag je gerust een dag voor uittrekken; het museum heeft meer dan tweehonderd zalen vol met prachtige, boeiende kunstwerken en historische voorwerpen. Je kunt er eindeloos ronddwalen. Het is niet voor niets door jullie uitgekozen als het mooiste kunstmuseum van Nederland!

Het Rijksmuseum is 365 dagen per jaar open van 9.00u tot 17.00u. De Rijkmuseumtuin, de museumwinkel en het café zijn ook te bezoeken als je geen kaartje hebt.

Prijzen

  • Volwassenen: € 17,50
  • Jongeren t/m 18 jaar, Museumkaart, Vrienden van het Rijksmuseum, ICOM, Vereniging Rembrandt, KOG, VVAK: gratis
  • CJP, Stadspas, EYCA: 50% van de reguliere ticketprijs

Als je het Rijksmuseum wilt bezoeken is het slim om van tevoren je tickets online aan te schaffen. Zo voorkom je dat je op de dag van je bezoek nog in de rij hoeft te staan voor kaartjes; je kunt dan in het Atrium zo doorlopen naar de collectie.

Adres

Museumstraat 1
1071 XX Amsterdam
Telefoonnummer: +31 (0) 20 6747 000

 

 

Heb jij het nieuwe, verbouwde Rijksmuseum al in het echt mogen bewonderen? En welk werk is jouw favoriet?

Deel het in een reactie!

Volg Zoover ook op Instagram voor de mooiste vakantiefoto's en leukste winacties!  

Uitgelichte berichten

Redactie

Redacteur

16 mei - 2016

Reacties